Imagine perfection – Lake Manyara

Imagine perfection – Lake Manyara

Lake Manyara – Tanzania, Oktober 2007

”Remove nothing from the park except: nourishment for the soul, consolation for the heart, inspiration for the mind”.

Aldus de tekst op een bord bij de ingang van Lake Manyara National Parc, waarmee de verwachtingen van iedere bezoeker zeker zullen stijgen.

Het park Lake Manyara begint in een dikke groene vegetatie aan de voet van de Rift Valley escarpments. Een stoffig gravel weggetje vormt het pad door het park. Iedere tegenligger vormt daardoor een aanslag op de ogen, zeker voor een lenzendrager als ik. De jungle vormt een ideaal territorium voor apenfamilies, waarvan de kinderen spartelen van tak naar tak. De allerjongsten verschuilen zich toch liever bij mama, welke ze dan ook stevig omarmen. In de dichte bossen verstopt een olifant zich, terwijl deze met grof geweld de takken van een boom scheurt en zo alsnog zijn schuilplaats prijs geeft.

Dik dik’s zijn schuchtere beesten welke zich niet veel laten zien. Maar als ze beseffen dat ze eenmaal ‘gezien’ worden, staan ze stil als een standbeeld. Een ideaal fotomoment dus. Even later rennen ze gauw weg, de fotograverende toerist toch niet helemaal vertrouwend, terwijl ze met de benen een harde achteruittrap beweging maken.

Als we het meer langzaam maar zeker naderen, dunt het bos snel uit tot her en der een kolossale baobab en wat groene bosjes. Deze baobab bomen zijn werkelijk fantastische creaties van Moeder Natuur. Gigantische, eenzame bomen welke honderden jaren oud kunnen worden onder de barre omstandigheden van dit Tanzaniaanse klimaat. Naar mate we meer en meer afdalen in de richting van het meer, verschijnen ook steeds meer andere beesten ten tonele.

Een olifant knaagt een boom nog kaler dan deze al is. Hij lijkt naar me te lachen als hij de volgende kilo boomtak naar binnen werkt. Even later werpt het beest met zijn slurf zand over z’n kop: een ruwe douche. Hierna komt dit gigantische wezen met grote pas recht mijn kant opgelopen. Op een gegeven moment is de reus feitelijk aan te raken. Er ontstaat wel een klein beetje angstzweet, dit is wel heel erg dichtbij. Wat een machtsvertoon, wat een grootsheid. Wat is een mens dan maar eigenlijk feitelijk een nietig wezentje op deze planeet.

Tussen diverse schaarse bosjes trachten een paar dozijn gazelle-achtigen zich te verstoppen voor het naderende toeristenkwaad. Maar ondertussen eten ze wel vrolijk verder, energie opdoende voor mogelijke nachtelijke achtervolgingen door hongerige katachtigen. De giraffen kiezen voor de topbladeren, only the best is good enough. De olifant eet de rest van de boom inclusief de takken op, opdat het kale grasland zich verder meester maakt van het landschap. Kunnen ze geen ander dieet volgen, opdat de natuur meer tijd krijgt om zich te herstellen?

Maar ja, waar haal je anders 300 kilogram eten per dag vandaag, hetgeen ze nodig hebben om in leven te blijven? Op de grasvlakte steekt her en der enkel een overgebleven stronkje uit de grond waar, zo lijkt, geen potentieel leven meer in zit. Er zit ook geen leven meer in het lijkje van een gazelle, welke over een boomtak hangt op circa tien meter hoogte. Waarschijnlijk mee naar boven gesleurd en geconsumeerd door een luipaard. Enkel het vel, de hoorns en wat botten resteren nog van het beestje. Ik hoop dat het het gesmaakt heeft.

Pumba, het wrattenzwijn, loopt moederziel alleen over een droog stuk land langs het meer. Even verderop ontmoet hij gelukkig een maatje om samen het kale land te bewandelen. Hoog boven deze kleine wezentjes torent een eenzame reus uit. Een remi giraffe knaagt wat aan de schaarse boomblaadjes en loopt wat rond over de kale steppe langs het meer. Verstoten of toe aan een beetje rust?

Deze zgn. ‘grasslands’ zijn dor en droog. Maar toch grazen hier naast de giraffe nog veel andere beesten rond, waaronder vele zebra’s en buffalo’s, waarvan het merendeel zich nauwelijks tot niets van onze aanwezigheid aan trekt. Dit gebied verlangt, net als het gehele land, naar de naderende short rains. Alle poelen staan bijna droog. Daar waar nog water in zit, vervuilen nijlpaarden het water. Een enorme kudde gnoes vormt een zwart lint langs het meer, waarachter een lint van flamengo’s de witte veeg op het doek vormt. De flamengo’s vissen de algen uit het water. De diverse heuvelruggen van de Rift Valley escarpment liggen op deze plek langs het meer schitterend achter elkaar. Alle ruggen vinden in het meer hun einde na een verticale val van honderd meter of meer.

Twee olifanten bederven de serene rust van het park en besluiten elkaar plotseling uit te dagen in een man-tot-man gevecht. Fier en krachtig staan ze tegen over elkaar, totdat ze besluiten elkaar een kopstoot te geven waarbij ze moeten uitkijken elkaar niet met de slagtanden te spiesen. Ze trachten elkaar naar achter te duwen voor een minuut of zo, waarna ze beiden weer vrolijk verder eten. De vriendschap is weer gesloten. Een van beide olifanten houdt toch een behoorlijke snijwond aan het gevecht over. Dat krijg je van dat machogedrag. Een arend kijkt toe op dit kracht spektakel vanaf een hoge, kale boomstam. Ondertussen kijkt hij ook rond of er niet ergens een live kill plaats vindt, waarvan hij ook nog wat van kan snoepen. Maar echt in actie komt hij niet. Helaas voor hem.

Een grote groep nijlpaarden gebruikt het meer om afkoeling te zoeken tegen de hitte, welke nu, zo tegen het einde van de middag wel snel afneemt. Een aantal flamengo’s hebben de rug van een de vele nijlpaarden ook als rustplaats annex landingsbaan uitgekozen. In ruil voor een droge plek, kietelen ze de nijlpaarden een beetje. Het water waar de nijlpaarden in liggen te poedelen, kun je overigens van grote afstand al ruiken doordat de beesten in ditzelfde badderwater ook de nodige behoeften doen. Het merendeel van de tijd lijken er slecht twee oogbollen op het water te drijven. Veel meer laten ze niet van zichzelf zien. Af en toe laten de nijlpaarden wel hun gehele, zeer imposante gestalte zien, als ze zich eventjes uit het water hijsen. Ze lijken log en traag, maar als deze beesten eenmaal je kant op komen rennen kun je maar beter bidden. Hmm, blijf daar maar. Twee dik-dik’s lopen, wat minder mensbedreigend, vrolijk rond. Deze beestjes bewandelen het levenspad altijd met zijn tweeën, als vriendjes voor het leven.

De ondergaande zon geeft het land prachtige felle kleurcontrasten mee. Een mooi einde van een eerste kennismaking met de beesten van Tanzania. Indrukwekkend! Een machtig gevoel om al deze beesten van zo dichtbij te mogen aanschouwen. We zijn in hun territorium, maar ze laten ons toe. Ongetwijfeld omdat ze er inmiddels wel gewend aan zullen zijn. Maar aan andere kant, ze komen niet op de auto afgerend om eten te bedelen. Tegen de tijd dat we het park willen verlaten, begint het aan de horizon al te regenen, opdat een prachtige regenboog het plaatje perfect maakt.

Imagine perfection…

Plaats een reactie