Surgidero is ook Cuba
Surgidero de Batabano – Cuba, 2006
Een korte wandeling door Surgidero de Batabano doet me een beetje denken aan Amsterdam. Een groot aantal huizen is namelijk goed aan het verzakken of is gewoon slecht gebouwd. Het grote verschil is dat ze hier in Cuba niet de techniek hebben, om de huizen (nog) langdurig overeind te houden. En als er eentje omvalt, kan deze zomaar een heel blok van houten hutjes mee nemen in zijn val. Sommige lijken al om te vallen als je er ook maar eventjes tegen aan leunt. De schilder is ook al heel lang niet langs geweest in geheel Surgidero de Batabano. De wegen zien er uit alsof een kudde stieren door de straten tikkertje heeft gespeeld.
De avond ervoor, toen we hier aankwamen, had het stadje behoorlijk wat weg van een spookstad. Zeker toen een elektriciteitsstoornis de halve stad plat legde. De mensen lopen hier ook niet graag in daglicht op straat. Pas bij een soort van plaza komen we groepjes mensen tegen. Op het midden van de plaza, prijkt een borstbeeld van een persoon zonder naam. Een local weet ook niet wie het is, maar het zou ‘iemand van hier’ zijn. Toeristen komen hier niet of nauwelijks. Er is nl. feitelijk niks te doen, niks te zien, maar toch ook weer juist heel veel. Want dit is waarschijnlijk meer Cuba dan alle resorts bij elkaar opgeteld. Een groepje kinderen op het erf van een soort van opvangcentrum, laat me het eerste lawaai van de straat horen.
Waar de treinrails de zee in duiken, staat een kanon geposteerd wier voorkant geëxplodeerd is ten tijde van het gebruik ervan, een halve eeuw geleden. Dit is ook de plek waar Fidel aan land kwam na zijn gevangenschap op de Isla de la Juventud, toen nog Isla de Pinos geheten. Een plaquette, opgehangen 30 jaar na zijn vrijlating hangt op het houten treinstationnetje en herinnert zo de passanten aan deze voor Cuba o zo belangrijke plek in de geschiedenis van het land. De geschiedenis begon namelijk feitelijk hier.