Buoyancy : wo bist du denn??
Ko Samui, Thailand – 2000
Ko Samui, een tropisch paradijs? Tropisch ja, de zon schijnt er veel en er zijn palmbomen. Een paradijs? Hmm, te veel sextoerisme laat een negatief beeld achter van het eiland. Te veel “massagedames”. “Hello, come to my bar, have a drink, have a massage. Tot armgrijpen aan toe, zo wanhopig zijn de dames in het zojuist ingegane laagseizoen.
We nemen onze intrek in een relatief luxe hotel- en appartmenten ‘resort’, ons huisje kijkt uit over de niet al te blauwe zee, waar hier en daar een vis langs je benen scheert. Het eiland Ko Samui biedt qua natuur wat watervalletjes, kokosnootvuilnisbelten en tientallen dive operators. Dat laatste is ook de hoofdreden waarom we op Ko Samui zijn: we willen ons PADI halen. We hebben gekozen om onze duikcursus te doen bij Prodivers, Svenska Dykscola, alwaar we in vier dagen klaargestoomd worden om maximaal 18 meter onder water te mogen duiken.
Dag 1 van de cursus, bestaat uit niet veel meer dan theorie, theorie en nog es theorie. Her en der ondersteund met videomateriaal. De instructeur vertelt over zijn duikverleden met veel passie, terwijl wij ons concentreren op de drie multiple choice testjes die we die dag maken en moeten halen.
Dag 2 gaan we met complete diving gear in een zwembad onze zeebenen uitproberen. Voor het eerst onder water ademen is erg vreemd, je haalt dieper adem dan normaal, je krijgt een zeer droge strot, gelukkig is er genoeg water om je heen om je dorst mee te lessen. We oefenen op mask clearing, mask flooding, niet erg fijne testjes met contactlenzen in. In de zee moet het ook kunnen dus, ik knijp mijn ogen extra goed dicht, zodat er geen druppel chloorwater in mijn ogen komt. We oefenen op buddy breathing, dus hoe voorzie je je duikmaatje van lucht onder water in het geval zijn of haar tank leeg is geraakt. Allemaal, no problemo. Maar dan… buoyancy: of te wel hoe blijf je steady ‘liggen’ onder het water, niet zinken niet stijgen. Dat is toch niet zo makkelijk als gedacht. Steeds komt of mijn hoofd boven het water uit of beland ik met mijn knieen weer op de zwembadbodem, geluk dat het geen koraal is, althans nog niet.
Dag 3: we gaan de zee in, tot en met 6 meter diepte. Probleem 1, mijn buoyancy is nog steeds ver te zoeken, als we eenmaal gewoon aan het flipperen zijn gaat het wel, maar de testjes verlopen allebehalve vlekkeloos, dit haast tot wanhoop bij de duikinstructuer. Een derde duikleerling wordt die dag al snel gebeten door een nog niet gedefinieerde vis en moet naar het ziekenhuis, uit voorzorg. Probleem 2: ear equalizing. Onder water is de druk hoger dan op land. Op het moment dat ik begin met afdalen onder water, is de druk in mijn oren nog lager dan in het omringende water. Gevolg een squeeze, of te wel: PIJN! Steeds als de pijn aanhoudt moet ik steeds een meter omhoog om opnieuw trachten te equalizen, vingers op je neus, mond dicht en lucht door je neus naar buiten persen. PLOP of niet, dus in mijn geval meer niet dan wel. Dus steeds moet ik weer omhoog totdat ik zo wat weer boven het wateroppervlkate ben. Na een tijdje gaat het gelukkig wel. Probleem 3: ANGST voor het diepe, angst voor te snel omhoog gaan en de evt. bijkomende decompressieziekte. Gelukkig is er op Ko Samui zeer recentelijk een recompressiekamer gebouwd, welke overigens pas de derde in Thailand is. Als we op een gegeven moment op onze knieen zitten op zes meter, wat nog niets voorsteld in vergelijking met het plan voor dag 4, en ik een lange sliert luchtbelletjes omhoog zie gaan, krijg ik het toch behoorlijk Thais benauwd.
Dag 4: per speedboat gaan we naar Ko Tao, het in de buurt van Ko Samui gelegen duikparadijs. De dive-equipment opdoen en daar gaan we dan op naar vissen, koraal en boven alles: angstoverwinning. A la een professional diver gaan we het water in vanaf de boot. De linker hand op de bovenkant van het masker en de rechterhand vrij, op het randje staan en dan …. 1 grote stap naar voren in het niks eeeh het water wat er onder ligt. We dienen er meteen voor te zorgen dat we positief bouyant zijn, m.a.w. dat je zonder te spartelen blijft drijven. Oftewel in duiktermen: je BCD halfvol laten lopen (bouyancy control device). Eenmaal in het water het ‘ok’ teken geven aan de instructeur die nog op de boot staat, door je vingertoppen van de rechterhand op je hoofd te plaatsen. Iedereen compleet? Down we go!!!! BCD leeg laten lopen en langzaam zakken we af in de diepte. Startpunt: 7 meter. Ik ben in het begin continue bezig met equalizen, maar het squeeze probleem heb ik die dag gelukkig niet meer meegemaakt. De instructeur gebaard dat we op een kaal stukje zeebodem moeten gaan staan, daar waar geen koraal aanwezig is. We doen nog wat oefeningen en dan genieten. Gewoon flipperen langs koraalriffen, prachtige vissen, alles in een compleet heldere zee. Een prachtige ervaring. De angst voor de diepte voel ik niet meer, het heeft plaats gemaakt voor sensatie, puur genot. De eerste duik is veel te vroeg afgelopen, gelukkig doen we die dag nog een duik. Het interesseert me niet meer dat we nu tot 14 meter diepte gaan. Daar let ik niet eens meer op. Ik geniet. Een uitdaging aangaan en een angst overwonnen op de laatste dag.