Thuis doet pijn

Thuis doet pijn

Kathmandu, Nepal – 2000

Nog een laatste keer loop ik vanaf mijn guesthouse naar Durbar Square. Gevolgd door nog een beetje relaxen in het guest house. Binnenkort verlaat ik KMDU voor Pokhara. KMDU, een beetje mijn thuis in het begin van een jaar weg van huis. Als ik een drankje in een loungepub nuttig, heb ik een hele bijzondere ontmoeting met Talsang.

Talsang is een ca 35-jarige Tibetaanse refugee-kind. Zijn ouders zijn gevlucht uit Tibet in 1959. Zij hebben dus de barre tocht aan den lijve moeten ondervinden. Zijn vader is nu werkzaam voor de Government In Exile, in Dharamsala, India. Hij zelf geniet van het leven in rijk-Kathmandu. Hij is eigenaar van de bar / pub, drinkt zijn uurlijkse biertje, rookt zijn twee uurlijkse jointjes en draagt zijn kleding zoals de hippies dat deden in de gloriedagen van Freak Street in de jaren ’70.

Zijn grootste zwakte is dat hij vlees eet, iets wat de echte Tibetanen nooit zouden doen. Echter, veel andere Tibetaanse waarden houdt hij wel in ere, ver van zijn vaderland, maar er zit wel een bergketen tussen. Hij wil absoluut met een Tibetaanse vrouw trouwen. Hij is zeer enthousiast als ik hem vertel over het landschap, de vriendelijkheid van de mensen, de duidelijk merkbare wrok welke het Tibetaanse volk koestert tegen de Chinezen. Zijn ouders woonden destijds in Shigatse, de oorspronkelijke woonplaats van de Panchen Lama, welke zeer recentelijk zonder goede reden gevangen is gezet door de Chinezen. Volgens Tibetanen wordt de Panchen Lama nu met de idealen van de Chinezen gehersenspoeld.

Talsang zal er zelf nooit heen gaan. De herinneringen aan Tibet doen nog te veel pijn bij zijn ouders.

Plaats een reactie